Wessel Reijers

Baudet’s Schmittiaanse Moment

Thierry Baudet bedrijft een politiek die compleet af lijkt te wijken van het normaal. Gekroond als gestoorde opperwap op nota bene Dumpert denken veel van zijn vroegere aanhangers dat hij compleet van het padje is. Hoe dit ook moge zijn, Baudet lijkt te hebben toegewerkt naar een ‘Schmittiaans’ moment. En dat is niet te onderschatten.

Het is vandaag verkiezingsdag. Hoewel het over veel lijkt te gaan – stikstof, Groningen, de leugens van Rutte – is het grote nieuws van de vorige Provinciale Staten verkiezingen weggezakt in het collectieve geheugen. Na de grote overwinning in 2019 heeft het Forum voor Democratie (FvD) van Thierry Baudet veel van haar formele macht en respect verloren.

Vandaag de dag is Baudet verworden tot een paria in Den Haag en in de media, en niet met ongegronde redenen. De politiek van FvD is duidelijk geëscaleerd, en neemt groteske vormen aan met het aanhalen van bizarre samenzweringen en het zwalkend prijzen van de oorlogsmisdaden van Poetin. Het lijkt alsof de partij enkel met zichzelf bezig is, en compleet van het padje is geraakt.

Boven deze schijnbare neergang hangt de stank van de geschiedenis. Attje Kuiken haalde het tijdens het laatste verkiezingsdebat maar weer even aan: misschien heeft Baudet wel een paar bruine laarzen thuis staan. De link met extreemrechts, fascisme, en zelfs neonazisme hangt in de lucht en wordt door de partij zelf ook niet echt meer actief ontkracht.

Ondertussen lijkt Baudet’s koers compleet te zijn gewijzigd. Het gaat niet meer primair om het winnen van verkiezingen en meeregeren, maar om het opzetten van een ‘nieuwe zuil.’ De FvD wil meer zijn dan enkel een partij, en de spin worden in een sociaaleconomisch net. Het wil een webshop voor boerenproducten, een eigen school, een eigen ondernemerskamer, eigen mediakanalen, eigen tribunalen; kortom, een parallelle samenleving.

Ook dit doet de vergelijking met de Nazi’s weer oplaaien, want een parallelle samenleving is wat Hitler en kornuiten ook voorstonden voordat ze in de jaren ’30 aan de macht kwamen. Maar toch wringt het, want ondanks de donkere tinten in Baudet’s ideologie denk ik dat het Nazi frame zowel niet klopt als niet behulpzaam is.

Een betere vergelijking is denk ik die met een figuur als Franz van Papen, een van de rechts-conservatieve leiders van de Weimar Republiek. Hoewel dit vaak wordt vergeten in het populaire denken was de neergang van de Weimar republiek niet primair aan Hitler te danken. Een groep van aristocratische conservatieven hadden in de loop van de jaren voor de Nazi’s aan de macht kwamen langzaam de Weimar democratie van binnenuit uitgehold. Door misbruik te maken van constitutionele middelen – zoals het befaamde Artikel 48 waarmee President Hindenburg onder het mom van een noodmaatregel de lagere overheden aan de kant kon zetten – werd voor Hitler uiteindelijk de weg vrijgemaakt om de macht te grijpen.

Dit was echter nooit te bedoeling geweest van de politici rond van Papen, die Hitler als een soort behulpzame idioot beschouwden. Zij stonden veeleer een ideologie voor die nu wordt belichaamd door de ‘Reichsburger’ in Duitsland, die onlangs op ludieke wijze geprobeerd hebben een coup te plegen. Deze grijpt terug op een bitterheid die voortkomt uit het verliezen van de Eerste Wereldoorlog en het Duitse Keizerrijk.

Baudet’s visie lijkt op die van de Reichsburger. Het is een visie van een organisch en historisch verbond, zeker gerelateerd aan ‘Blut und Boden,’ samen met een diepe afkeer voor het liberalisme en haar globale aspiraties. Het is ‘The Great Reset’ die het moet ongelden, een samenzwering van de liberale elite om de complete bevolking met geavanceerde technologieën te onderwerpen. Er is xenofobie en antisemitisme, maar zonder de religieuze ambitie om een compleet ras te vernietigen als bij de Nazi’s.

Wie zich echter blindstaart op de opvatting van Baudet en zijn handlangers heeft het volgens mij bij het verkeerde eind. Je kunt je natuurlijk afvragen: hoe kan het dat de FvD zo pertinent onwaarheden verkondigd? Dat het zo compleet afwijkt van wetenschappelijke feiten, door Corona een eenvoudige griep te noemen en de menselijke factor in klimaatverandering te ontkennen? Is Baudet zelf geen wetenschapper, heeft hij geen doctoraat?

Hoewel ze bekend staan om hun mysticisme, kunnen we antwoorden vinden op deze vragen in Baudet’s speeches. Deze speeches zijn verworden tot opzichzelfstaande evenementen. Wat je ook mag vinden van de FvD, de partij lijkt inderdaad in staat om een relatief kleine groep mensen massaal op de been te brengen. Zaaltjes zitten vol, wat Baudet maar al te graag accentueert. Er is iets in de boodschap wat aantrekt, mensen betovert.

Ten eerste is dit omdat Baudet zich heeft ontpopt tot een klassieke volksmenner, een demagoog. Het taalgebruik is superlatief, gericht op het aanspreken van de emoties. FvD speeches hebben een semi-religieus karakter welke totaal afwezig is bij de meeste andere partijen. Dit wordt slim ingezet op social media zoals Youtube, waar de volksmennerij lustig om zich heen kan slaan.  

Ten tweede komt dit ook omdat de belangrijkste boodschap hem niet zit in de afzonderlijke opvattingen. Baudet zegt dit zelfs letterlijk: hoewel we staan voor bepaalde punten, gaat het hier uiteindelijk niet over. Het gaat over de methode, de afsplitsing, de afkeer, het idee dat we niet meer mee hoeven te doen. Tijdens zijn speech in Rotterdam geeft Baudet ook aan: nu hij zich niet meer hoeft te richten op Corona is eindelijk de kans om het complete plaatje te aanschouwen. De FvD zit in een kentering.

In deze methode ontpopt Baudet zich als leerling van de Duitse rechtsfilosoof en vooraanstaand Nazi Carl Schmitt. Fundamenteel voor Schmitt was dat de basis voor de politiek niet het onderscheid is tussen waar en onwaar. Het gaat er uiteindelijk niet om of klimaatverandering waar is of niet. Wat de basis vormt, voor Schmitt, is het onderscheid tussen vriend en vijand, een existentieel denken dat de waarde van het ‘wij’ ontleend aan de waardeloosheid van het ‘zij.’ De reden hiervoor is terug te leiden tot de levenskracht. Om in leven te blijven moet een organisme onderscheid maken tussen zichzelf en bevriende organismen, en vijandige organismen die een onvoorspelbare bedreiging vormen. 

Schmitt was een uitgesproken criticus van de Weimar Republiek. Hij beargumenteerde dat het positieve recht, welke leidend was in de Weimar constitutie, probeert de politiek te vervangen met een technocratisch rechtssysteem. De validiteit van een wet hangt volgens Schmitt niet samen met de coherentie van een systeem van procedures, dat bijvoorbeeld vastlegt of een wet correct wordt aangenomen door een numerieke meerderheid in het parlement. In plaats daarvan hangt deze validiteit uiteindelijk samen met de ‘soeverein,’ een macht in de samenleving die de capaciteit heeft om een beslissing te nemen wanneer er een onverwachte uitzondering is op de bestaande regels (denk aan Corona).

Het positieve recht, zo dacht Schmitt, probeert de soeverein aan de kant te drukken, maar altijd tevergeefs. De reden hiervoor is dat de waarden die er echt toe doen in een samenleving niet kunnen worden vastgelegd door een puur procedureel systeem. Formele procedures in een democratie zijn uiteindelijk ‘leeg,’ niet gelieerd aan essentiële waarden, zelfs niet bijvoorbeeld die van de mensenrechten.

Schmitt’s ideeën hadden veel invloed op de Duitse politiek in de jaren ’20 en ’30. En ze vielen samen met wat er daadwerkelijk gebeurde. Schmitt voorspelde dat in een systeem van positief recht private interesses (zakenlui, politici, religieuze leiders) samenkomen om een soevereine macht te vormen, zodra existentiële vragen onbeantwoord blijven. En inderdaad, rechts-extreme en conservatieve machten kwamen tezamen om via de constitutie een soevereine macht te vormen, om vervolgens deze zelfde constitutie ongedaan te maken. Lege procedures zijn uiteindelijk machteloos tegen een parallelle samenleving, zodra deze machtig genoeg wordt.

Baudet lijkt in zijn wens voor een parallelle samenleving toe te leven naar een Schmittiaans moment. Of hem dit lukt of niet valt nog te bezien. Met enige geruststelling kunnen we in ieder geval vaststellen dat het Nederland van vandaag een stuk stabieler is dan het Duitsland van eind jaren ’30.

We kunnen ons echter ook afvragen of we er ondertussen niet iets aan moeten doen. Wie goed luistert hoort namelijk tussen de samenzweringen en onwaarheden door enkele ontluisterende punten van terechte kritiek in Baudet’s speeches.

Baudet stipt terecht aan dat de politiek grotendeels wordt bepaald door technocratische systemen, zoals de stikstof crisis laat zien. Dat een ogenschijnlijk liberaal bestel zonder problemen fundamentele rechten opzij kan schuiven, zoals gebeurde tijdens de Coronacrisis. En dat de moderne politiek onderworpen is aan een mediaregie, waarin bijvoorbeeld opiniepeilingen een illegitieme uitwerking hebben op het publieke debat.

Uiteindelijk vallen deze terechte punten allemaal samen met Schmitt’s kritiek op de methode van de politiek. De rechtsfilosoof David Dyzenhaus, in zijn briljante boek Wettigheid en Legitimiteit, is naast een fervent criticus van Schmitt ook een goed luisteraar. Hij beargumenteert dat we Schmitt’s kritiek op het positieve recht serieus moeten nemen, en dat de anti-Schmitt politiek er een goed antwoord op moet vinden. Er moet een politiek antwoord komen op de vraag wat legitimiteit is los van de wettelijkheid – en welke ethische grondslag onze politieke opvattingen ondersteunt. Beleid moet voorbij aan technocratische procedures, en terug naar de vragen over wat er echt toe doet.

Terug naar de Nederlandse context betekent dit dat, als we Baudet werkelijk willen trotseren, we zijn terechte kritieken serieus moeten nemen. Dat partijen als Groen Links of de PvdA zich moeten afvragen hoe ze zich tot technocratische besluitvorming verhouden, de rol van de (digitale) media in het publieke debat, en wat de ethische grondslagen van politieke standpunten zijn.

Uiteindelijk gaat het om de vraag over hoe we aan het dogma van de wettelijkheid (‘regels zijn regels’), zo perfect belichaamd door de VVD, kunnen ontsnappen. Een misschien mooie bijkomstigheid van de puberale rebellie van de FvD is dat het ons weer aan het denken zet. Door te vragen: hoe maken we onze politiek weer legitiem?

Verder Bericht

Vorige Bericht

© 2024 Wessel Reijers

Thema door Anders Norén